Voorwaarden voor zonneparken en windmolens in Berkelland

Zonneparken en windmolens in Berkelland, hoe dan?
De gemeente Berkelland en de regio Achterhoek zetten zich in om in 2030
energieneutraal te zijn. Voor het realiseren van die doelstelling is de gemeente afhankelijk van initiatieven van anderen. Zonnepanelen op daken van woningen en bedrijven beginnen heel gewoon te worden.
Maar ook al zouden alle daken vol gelegd worden met zonnepanelen, het zal niet genoeg zijn voor de energiebehoefte van de Berkellandse inwoners en ondernemers. Daarom moet er ook grootschalige opwek van duurzame energie komen. Daarbij moet u denken aan grote zonneparken en windmolens. En voordat zo’n park of windmolen kan worden gerealiseerd, stroomt er heel wat water door de Berkel.

Wat doet de gemeente?
De gemeenteraad heeft beleid vastgesteld over de grootschalige opwekinitiatieven: het RODE-beleid. RODE staat voor Ruimtelijke Ordening en Duurzame Energieopwekking.
In het RODE-beleid staan de gemeentelijke randvoorwaarden, waaraan een plan voor windmolens of een zonnepark moet voldoen. Zoals de landschappelijke inpassing, vergroten van de biodiversiteit, het onderhoud en beheer. 
Maar het allerbelangrijkst is misschien wel participatie met omwonenden. Omwonenden moeten in een vroeg stadium betrokken worden bij de plannen en -als ze dat willen- financieel meeprofiteren. Ook daarvoor staan in het RODE-beleid voorwaarden. De gemeente wil graag dat dat participatieproces open en eerlijk verloopt.

Van idee tot realisering 
1.    Initiatieffase
-    Op basis van de kaarten in het RODE-beleid kan een initiatiefnemer zien of zijn idee kans van slagen heeft op basis van ruimtelijke afwegingen; hij zal dat waarschijnlijk ook checken bij de gemeente.
-    Lijkt het idee kansrijk, dan zal hij informatieve gesprekken gaan voeren met grondeigenaren en de buurt.
-    De gemeente geeft op verzoek van omwonenden of de initiatiefnemer informatie over het RODE-beleid en maakt het mogelijk dat er 3D visualisaties kunnen worden gemaakt. 
-    Lijkt het idee dan nog steeds haalbaar dan wordt het idee al wat concreter en gaat de initiatiefnemer in gesprek met de gemeente.
-    De gemeente doet een quick scan wat er wel en niet kan, wat er eventueel nog onderzocht moet worden en de initiatiefnemer stelt een participatieplan op. 
2.    Planfase
-    De initiatiefnemer gaat aan de slag met het ontwerp- en participatieproces.
-    De initiatiefnemer kan pas een omgevingsvergunning aanvragen als het participatieproces is afgerond (vastgelegd in een participatieverslag en een participatie-overeenkomst), het inpassingsplan is goedgekeurd en de geëiste onderzoeksrapporten zijn opgeleverd.
3.    Vergunningprocedure
-    Initiatiefnemer vraagt omgevingsvergunning aan
-    2 weken voorontwerp ter inzage, inspraakreacties mogelijk
-    Beoordelen inspraakreacties door gemeente
-    College besluit go/no go *
-    6 weken ter inzage ontwerpbesluit omgevingsvergunning, zienswijzen mogelijk
-    Beoordelen en beantwoorden zienswijzen
-    Definitief besluit omgevingsvergunning
-    Beroep mogelijk bij Rechtbank binnen 6 weken
-    Hoger beroep mogelijk 6 weken na besluit Rechtbank.

Bij heel grote opwekinitiatieven moet de provincie een vergunning verlenen. De gemeente en de provincie maken daarover afspraken.