Terug naar het overzicht

Het college over deze bestuursperiode

Op 3 november heeft de gemeenteraad ingestemd met de begroting voor 2022. De laatste begroting van het huidige college van B&W. Op 16 maart zijn de gemeenteraadsverkiezingen. Hoe kijkt het college naar deze bestuursperiode, met nog een paar maanden te gaan?

Burgemeester Joost van Oostrum:

“De afgelopen vier jaar waren een bijzondere periode. Er zijn veel grote thema’s bij gekomen. Denk bijvoorbeeld aan het aantrekken van de huizenmarkt, de opleving van de economie en werkgelegenheid, het klimaatbestendig maken van de Achterhoek en de coronacrisis. De komende tijd zullen dit nog belangrijke aandachtspunten zijn die veel energie en investeringen van ons gaan vragen.

Binnen ‘mijn’ projecten ben ik blij dat we weer functies hebben kunnen vinden voor leegstaande gebouwen. Denk aan Oldenkotte in Rekken of gebouwen op de Leo-stichting. Dit is ook goed voor de werkgelegenheid in onze gemeente.

Verder zien we dat we het als gemeente goed doen op het gebied van integratie van statushouders. We hebben een eigen lokale aanpak. Een proef met de integratie van vrouwen, de pilot Powervrouwen, werd zelfs landelijk gewaardeerd.

In deze bestuursperiode had ik ook graag met de vele horecaondernemers in Berkelland een horecavisie gemaakt. Horeca is enorm belangrijk voor de leefbaarheid in de kernen en je ziet dat ze het soms best moeilijk hebben. De coronacrisis heeft er bij hen ook behoorlijk ingehakt. Ik hoop dat we daar de volgende periode mee aan de slag kunnen.

Vooralsnog zal Covid-19 nog niet weg zijn. Ik ben er trots op dat we samen proberen erdoor te komen. Dat komt zeker door de grote saamhorigheid in onze gemeente en de goede samenwerking met bijvoorbeeld voorzitters van het bedrijfsleven en de Koninklijke horeca. Af en toe hebben we een stevig gesprek met inwoners of ondernemers, maar we hebben tot nu toe gelukkig door gesprekken problemen kunnen oplossen. Laten we hopen dat we de coronapandemie snel achter ons kunnen laten. Ik zou graag weer meer op pad gaan in de gemeente om u te ontmoeten en te kunnen horen wat er bij u leeft. Dat heb ik erg gemist!”

Wethouder Maikel van der Neut:

“Met veel plezier ben ik wethouder van deze gemeente. Wethouder ben je niet voor jezelf, maar voor de inwoner. Ik heb bewondering voor het enthousiasme en de energie waarmee inwoners zich inzetten voor deze gemeente.

Trots ben ik op het feit dat we in alle kernen weer aan het bouwen zijn. Ik zie steeds meer bouwkranen. En ik ben blij dat we kunnen bouwen voor alle doelgroepen. Niet alleen voor gezinnen, maar juist ook voor starters, senioren en mensen die een zorgbehoefte hebben.

Ook ben ik blij dat we gestart zijn met de wijkaanpak Neede Noordoost. In deze wijk gaan we, samen met ProWonen, de komende jaren met de bewoners aan de slag om hun wijk toekomstbestendig te maken. En het is ons zelfs gelukt om daar ook vanuit de landelijke overheid geld voor te krijgen.

En als ik dan nog één succes mag noemen, dan is het dat we een plan hebben gemaakt hoe we om moeten gaan met vrijkomende agrarische bebouwing. Veel schuren in het buitengebied komen leeg te staan en verpaupering ligt op de loer. In het plan staan vijf regelingen, waaronder een nieuw Rood voor Rood beleid.

Maar niet alles lukt helaas. Ik vind het jammer dat we de Omgevingsvisie niet hebben kunnen vaststellen. Wel maken we een document voor de volgende gemeenteraad, zodat zij er goed mee verder kunnen. Er is namelijk al veel input opgehaald bij inwoners en organisaties.

Verder hoop ik dat we in Berkelland de komende jaren verdergaan met het bouwen van woningen, ook voor mensen die op zoek zijn naar wonen in combinatie met zorg. En dat we volop energie zetten op de opgaven die in het buitengebied spelen, waaronder de transitie in de landbouw. Tot slot hoop ik dat we met zijn allen meer gaan uitstralen dat we samen Berkelland zijn en trotse ambassadeurs mogen zijn van deze prachtige gemeente.”

Wethouder Gerjan Teselink:

“We hebben de afgelopen jaren veel met de samenleving aangepakt. Dat kan door de goede contacten die we onderling hebben, onder andere met ondernemers. Mooi vind ik dan ook dat we nu in alle centra plannen maken voor de toekomst. Daarnaast ben ik trots op de ontwikkelingen bij het werk- en leerbedrijf dat vanaf 1 januari verder gaat onder de naam Fijnder.

Verder ben ik erg tevreden met de grote stappen die we kunnen maken in het besparen van energie. Al is er voor inwoners en ondernemers nog meer nodig de komende jaren als het gaat om verduurzaming. Als gemeente hoop ik dat wij het creatieve oliemannetje blijven om mensen te inspireren anders om te gaan met hun energieverbruik.

Deze periode was het door corona een uitdaging om goed contact te blijven onderhouden met inwoners en ondernemers. We zaten veel achter een scherm. Daar hebben we wel van geleerd dat inwoners ook digitaal kunnen participeren. Er zijn doelgroepen, zoals ouders van jonge kinderen, die dat erg waardeerden. Ik hoop dat we het beste blijven halen uit deze twee werelden, digitaal en fysiek, om zoveel mogelijk inwoners bij plannen te kunnen betrekken.

Door het vele digitale contact lukte het voor mijn gevoel niet om alles uit het gebiedswethouderschap te halen. Dat krijgt de komende tijd vast een impuls, want de directe contacten in de kern zijn waardevol en dat moeten we behouden.

Tot slot gun ik de gemeente in de nieuwe periode meer duidelijkheid over de financiën. We hebben goede stappen gezet om meer balans te krijgen in de uitgaven en inkomsten, maar de wisselende inkomsten van de Rijksoverheid maakten veel onzeker. Je kunt pas stabiel beleid maken als je weet wat er binnen komt. Nu moet je het ene moment bezuinigen, terwijl je daarna ineens veel meer geld binnen krijgt van het Rijk. Ik vind dat ook lastig uitleggen aan onze inwoners en hoop dat het verbetert.”

Wethouder Anjo Bosman:

“Wat een veelzijdig, breed takenpakket heb ik. Daar ben ik blij mee! Op het gebied van sport zijn veel zaken opgepakt, denk aan het extra geld voor toekomstbestendige sportverenigingen, plannen voor renovatie/nieuwbouw van sporthallen en uiteraard het lokaal sportakkoord. Door 80 organisaties ondertekend! Daarnaast is er een Cultuur- en Erfgoedvisie in ontwikkeling, is er een huisvestingsplan gemaakt voor het onderwijs en bleek het Berkellands Naoberfonds een schot in de roos. Er zijn al over de 100 aanvragen ingediend en ik ben ervan overtuigd dat er nog veel meer ideeën in onze gemeente zijn die in aanmerking kunnen komen voor geld uit het fonds.

We hebben deze periode veel kunnen investeren en diverse subsidies opgehaald. Bijvoorbeeld voor de Dorpendeal Rekken, het sportakkoord en klimaatadaptatie.

Ondanks de coronacrisis zijn een groot aantal wijken en straten opgeknapt. Mede door de inzet van inwoners die met ons mee bleven denken en doen. Samen bepalen hoe een buurt eruit moet zien, geeft samenhang en draagvlak in de buurt. Dat bevordert de leefbaarheid. Daar kunnen we nog meer mee doen. Ook het gebiedswethouderschap hoort daarbij. De korte lijnen en directe contacten met belangenverenigingen en organisaties vind ik erg waardevol.

Wat ik wel jammer vind, is dat soms plannen vertragen. Dat zie je bijvoorbeeld bij de bouw van scholen, en door de oplopende bouwkosten moet je opnieuw kijken wat de mogelijkheden zijn.

Een vervelend aspect zijn ook de noodzakelijke bezuinigingen om financieel zaken op orde te houden, waarbij we gelukkig als gemeente wel altijd proberen in incidentele oplossingen te denken en zaken te realiseren.

Voor mijn veelzijdige takenpakket stap ik regelmatig op de fiets en geniet dan enorm van het Berkellandse landschap, de bomen, het groen, de paden en wegen en natuurlijk van de koeien in de weide. We mogen er trots op zijn.”

Wethouder Gerda ter Denge:

“Het is een dynamische tijd. Er gebeurt van alles, ook zaken waar we zelf weinig invloed op hebben. Omdat het landelijk wordt bepaald bijvoorbeeld. Goed samenwerken, ook in de regio, is dan essentieel. En dat kan nog best wat beter in de Achterhoek, soms zijn we wat te vrijblijvend richting elkaar.

Er zijn de afgelopen jaren mooie successen geboekt. Zorg is goed op de agenda gekomen, met de uitwerking van sturingsmaatregelen, preventiebeleid en alles wat daarbij hoort.

Daarnaast is recreatie en toerisme in Berkelland beter op de kaart gezet. Onze pluspunten krijgen we steeds duidelijker in beeld en laten we zien.

We vinden het belangrijk dat ook de generatie na ons van het landschap kan blijven genieten. Daarom ben ik blij met de vaststelling van het biodiversiteitsdocument dat we met input van organisaties en betrokken inwoners hebben gemaakt. Voor mij is dit bovendien een goed voorbeeld waarbij inwoners en organisaties meewerken aan beleid van de gemeente. Soms staan ze qua standpunten tegenover elkaar, maar toch blijven ze hun energie er in steken en houden ze het vertrouwen dat wat ze inbrengen wordt meegenomen.

De betaalbaarheid en de uitvoering van de zorg blijven uitdagingen, ook in de volgende periode. Hebben we voldoende mensen die het werk kunnen doen? Kunnen we de zorg en ondersteuning blijven leveren die de inwoner nodig heeft? Er zijn enorme bedragen mee gemoeid en inzicht krijgen in wat het oplevert, is soms lastig.

Tenslotte hoop ik dat we wat minder wij-zij krijgen in de samenleving de komende tijd. Er is geen gelijk, ieder standpunt telt, maar we moeten het met elkaar doen. Dat gezamenlijke wat we hebben is dat we allemaal vinden dat we in een mooie gemeente wonen. Laten we dat benadrukken. Er komen namelijk grote uitdagingen aan. Op het gebied van duurzaamheid, zorg en het buitengebied. Wat dat laatste betreft hoop ik in deze collegeperiode nog wat te kunnen betekenen in het verbeteren van het vertrouwen tussen gemeente, agrariërs en andere inwoners.”